Kinderrechtencommissariaat
Vlaams Parlement

 

Geachte heer,

Wij hebben uw klacht betreffende het gebruik van afschrikkingskanonnen in de
landbouw (fruitteelt) in goede orde ontvangen.

Het Kinderrechtencommissariaat is zich terdege bewust van deze problematiek.
Reeds geruime tijd geleden, werd hier een klacht ingediend door mensen uit
dezelfde regio als u. Het Kinderrechtencommissariaat heeft toen de klacht op
haar gegrondheid onderzocht. Het is inderdaad zo dat het ongereglementeerd
gebruik van deze afschrikkingskanonnen voor heel wat kinderen (en
volwassenen) erg storend is. De argumenten hoeven wij voor u niet op te
sommen. Bovendien komt daar bij dat voor sommige kinderen extra
geluidsprikkels meer problemen veroorzaken dan bij anderen, onder invloed
van ziekte, leeftijd enz.

We zouden kunnen argumenteren dat de overheid de plicht heeft alles wat
storend is, uit de leefomgeving van kinderen te weren. Dit gaat evenwel
voorbij aan de realiteit, dat er steeds compromissen moeten gesloten worden,
om op een beschaafde manier samen te leven. Economische motieven kunnen de
ideale situatie soms doorkruisen. Daarom geldt het principe, de meest ideale
oplossing moet worden nagestreefd. In dit dossier zou dit het gebruik kunnen
zijn van alternatieve middelen. Het blijft de vraag in hoeverre deze een
zelfde effcet bereiken als het gebruik van de kanonnen.

Het Kinderrechtencommissariaat had over deze problematiek verschillende
malen overleg met Vlaams Minister van landbouw, mevr. Dua. Bij de eerste
contacten, maanden geleden, bleek dat de Minister zich van deze problematiek
bewust was. Zij zou in gesprek met de sector zien wat er mogelijk was.
Onlangs hadden wij terug contact met het kabinet van de Minister. De
bevoegdheid voor deze problemen ligt bij de gemeenten. De Vlaamse Minister
kan hierin binnen haar bevoegdheden niet tussen komen. Hoewel de betreffende
regelgeving ressorteert onder de bevoegdheid van de gemeenten, heeft de
Minister van landbouw volgende initiatieven genomen:

Studie :
Middels een literatuurstudie naar deze problematiek in het buitenland wil
de Vlaamse Overheid zicht krijgen op de problematiek, oplossingen en of
alternatieven.
Na overleg met de sector wordt gewerkt aan een studie met proefopstelling
van alternatieve afschrikkingsmiddelen.

Deze studies worden afgerond eind 2003.

Ondersteuning :
Door de ernst van de klachten gedreven, heeft de Minister een model van
Gemeentelijk reglement ter beschikking gesteld op de website. Dit reglement
kan door de gemeenten die dit wensen worden overgenomen. Luidens het Kabinet
van de Minister wordt dit reglement reeds door meerdere gemeenten gebruikt.

Gezien de bevoegdheidsverdeling voor deze problematiek en de inspanningen
die momenteel geleverd worden, menen wij dat de Vlaamse Overheid de nodige
inspanningen doet om tegemoet te komen aan de bepalingen van het
Internationaal Verdrag Inzake de Rechten van het Kind . Wij volgen deze
problematiek wel verder op.

Met vriendelijke groet,

Dirk Vos
Ombudswerk
Kinderrechtencommissariaat
Vlaams Parlement
Hertogstraat 67
1000 Brussel
02/552.98.00

NIEUW ADRES  VANAF 26 AUGUSTUS 2002
Leuvenseweg 86
1000 Brussel
tel.  02 / 552.98.00
fax. 02 / 552.98.01

www.kinderrechten.be

 

Vlaams Platform Milieu en Gezondheid

www.milieugezondheid.be